Wangedrag en rechts-extremisme in de Nederlandse krijgsmacht
23 jan 03
Het wangedrag en rechts-extremisme van Dutchbatters in Srebrenica.
Op 9 mei 1995 maakt NOVA voor het eerst melding van de interne problemen van Dutchbat in Srebrenica. Er was
sprake van hoererij met moslimvrouwen en er waren aanmaakblokjes met jam in mijnenvelden gegooid. Een intern
onderzoek van Defensie levert geen bewijs op. Toenmalig minister van Defensie Voorhoeve spreekt Dutchbat 2
vrij.
De commandant van Dutchbat 3, luitenant-kolonel Karremans, houdt een eigen, intern onderzoek naar mogelijk
wangedrag binnen zijn bataljon. Dat levert slechts ontkenningen op, aldus Karremans.
Maar de eerste signalen over de interne problemen van zijn bataljon staan al in het gecensureerde Debriefingsrapport dat door de landmacht is opgesteld in december 1995. Want in het zogeheten Feitenrelaas, de basis voor het Debriefingsrapport dat vier jaar in een landmachtkluis had gelegen, staat in geuren en kleuren beschreven wat er is misgegaan binnen het bataljon. Er zou door Nederlandse soldaten de Hitlergroet gebracht zijn, er zou sprake zijn van hoererij (een moslimvrouw werd de hekslet genoemd), en er zou sprake zijn van openlijk racisme tegen moslims en allochtone medesoldaten. Tot slot zou de leiding van het bataljon (Karremans en zijn plaatsvervanger Franken) slecht functioneren en niet optreden tegen misstanden. Dat dit allemaal pas jaren later naar buiten komt, wekt de suggestie dat er sprake is van doofpotpolitiek binnen de landmacht. In december 1999 reageert luitenant-generaal Schouten.
Het wangedrag en uitingen van rechts-extremisme lijken zich niet te beperken tot de militairen in Srebrenica. NOVA meldt op 6 juli 1995, toevallig vijf dagen voor de val van de moslimenclave, over de problemen met de nieuwe beroepssoldaten, de zogeheten BBT-ers (Beroeps Bepaalde Tijd). Een Defensieonderzoek concludeert dat de nieuwe beroepsmilitairen te laag zijn opgeleid, vaak softdrugs gebruiken, soms een criminele achtergrond hebben en vaak uit problematische gezinnen komen. In de studio zegt de toenmalige plaatsvervangend bevelhebber van de landstrijdkrachten, generaal-majoor Van Baal, dat rechts-extremisme niet te tolereren is.
Een half jaar later meldt NOVA dat er binnen de landmacht sprake was van openlijk rechts-extremisme, onder andere van voormalige Dutchbat 3 militairen. Het ging om meer dan incidenten. Op 3 juli 2000 komt NOVA met duidelijke voorbeelden, zoals het brengen van de Hitlergroet door militairen van de landmacht. Verder was de zogeheten NURK, negeruitroeiknuppel, een begrip. De Molukse ex-Dutchbatter Atje Anakotta meldt in de uitzending dat zijn compagnie, gelegerd in Srebrenica-stad, de nazi-compagnie werd genoemd. Enkele malen werd 's ochtends op het appèl door de leiding de Hitlergroet gebracht en moslims en allochtone Dutchbatters zouden openlijk gediscrimineerd worden. De bevelhebber van de landmacht, luitenant-generaal Schouten, reageert geschokt.
Verschillende officieren verlaten de landsmacht, uit onvrede met het in hun ogen te zwakke optreden van de
legerleiding tegen rechts-extremisme en ander wangedrag. Een van hen, ex-majoor
Jurgen Kok doet in de NOVA-uitzending van 13 juli zijn verhaal en
vertelt over de wantoestanden bij de opleiding van luchtmobiele soldaten in Schaarsbergen. Minister De Grave
van Defensie kondigt in dezelfde uitzending maatregelen aan.