Compagniescommandant J.R. Groen
11 nov 02
Kapitein Jelte Groen, commandant van de B-compagnie van Dutchbat III (januari - juli 1995) was een streng en rechtlijnig leider, zo valt uit het onderzoek van het NIOD naar de val van de moslimenclave Srebrenica op te maken. Hij oogstte tijdens de dramatische dagen in juli 1995, onder de voet werd gelopen door het Bosnisch Servische leger onder leiding van Mladic, respect en waardering voor zijn leiderschap.
Hij was een van de weinigen die het hoofd koel hielden. Groen signaleerde al in een vroeg stadium dat de opdracht die zijn luchtmobiele compagnie had meegekregen, volstrekt haaks stond op het doel waarvoor zij getraind waren. In plaats van je onzichtbaar houden voor de vijand, moest de rode baret zich juist zo veel mogelijk laten zien. In plaats van agressief optreden als de vijand je beschiet, moest hij zich terugtrekken en proberen de situatie te deëscaleren. Groen verzette zich tegen het hoge theoretische gehalte van de aanvullende opleiding voor de uitzending en pleitte voor meer praktische aanpak. "Luchtmobielen zijn fanatieke gasten, die willen dingen doen'', was een van zijn uitspraken.
De commandant was veel meer dan zijn voorganger bij Dutchbat I en II, voorstander van een afstandelijke houding naar de bevolking. "Neutraliteit'' stond hoog in zijn vaandel, iets wat door de moslims in de enclave niet erg werd gewaardeerd. Van de kant van de compagnie bestond er evenmin weinig respect voor de moslims, en al helemaal niet voor de soldaten van het Bosnische regeringsleger die de blauwhelmen vaak misbruikten voor hun strijd tegen de Bosnische Serviërs.
Voor Groen was het zijn eigen mannen eerst en dan pas de plaatselijke bevolking. Door zijn optreden bestond er een groot saamhorigheidsgevoel binnen de B-compagnie, die opviel door stevige, blonde Hollandse jongens. De kapitein zei later met een goed gevoel op zijn tijd in Srebrenica terug te kijken. "Ik heb een goede tijd gehad en een schat aan ervaring opgedaan.''
(Bron: ANP)