'Nederland droeg niet bij aan scheiding mannen en vrouwen'
11 nov 02
Op geen enkele manier hebben Nederlandse militairen een bijdrage geleverd aan het scheiden van mannen en
vrouwen door de Bosnisch-Servische strijdkrachten tijdens de val van de moslimenclave Srebrenica. Dat
verklaarde luitenant Van
Duijn van Dutchbat maandag voor de parlementaire enquêtecommissie die onderzoek doet naar
Nederlandse rol bij de gebeurtenissen in de zomer van 1995.
Volgens Van Duijn was de evacuatie van vluchtelingen noodzakelijk omdat zich na de val van de enclave
duizenden in het kamp bij het Nederlandse kamp in Potocari bevonden. Van een Servische commandant kreeg Van
Duijn te horen dat moslimmannen uit de vluchtelingenstroom werden gehaald voor ondervraging.
Toen de luitenant paspoorten van moslimmannen terugvond, rees bij hem het vermoeden dat het met hen niet goed
zou aflopen. De Servische commandant verzekerde hem dat "ze die paspoorten toch niet meer nodig zouden
hebben''.
Tegenover de commissie verklaarde Van Duijn dat Nederlandse militairen zich vooral richtten om een zo rustig
mogelijke evacuatie van vluchtelingen. Wel hebben ze meerdere malen geprotesteerd wanneer jonge of oude
mannen door Serviërs weggehaald werden. "Ik ben dankbaar dat we op die manier mannen langer bij hun
vrouwen hebben kunnen houden'', zei Van Duijn.
Tweede luitenant Rutten van Dutchbat heeft Van Duijn steeds verweten dat hij bij de evacuatie van de
moslimmannen te veel medewerking heeft verleend aan de Serviërs. "Rutten noemde mij een
oorlogsmisdadiger'', zei Van Duijn maandag. Tot een aanklacht tegen Van Duijn is het nooit gekomen. De
aangifte van smaad die Van Duijn vervolgens tegen Rutten indiende, werd in 1999 geseponeerd.
De enquêtecommissie hoort maandagmiddag luitenant Rutten. Een jaar na de val van Srebrenica werd Van
Duijn door Defensie-voorlichting aangeraden niet mee te werken aan een televisie-uitzending over de
evacuatie. Hem werd gemeld dat het voor Defensie en de verantwoordelijke minister beter was dat de vondst van
de paspoorten buiten de publiciteit bleef. De paspoorten vondst kwam uiteindelijk in 1997 via een uitzending
van NOVA aan het licht.
Volgens Van Duijn zijn de verwijten over zijn optreden en zijn verhalen in de Defensie-evaluaties zijn
carrière binnen Defensie. Een overstap naar de Koninklijke Marechaussee in 1997 ging volgens hem om
die reden niet door. Twee jaar later corrigeerde Defensie de beslissing en maakte Van Duijn alsnog de
overstap.
(Bron: ANP)