Taïda wacht niet op uitzetting
24 apr 06
De Kosovaarse scholiere Taïda Pasic laat zich niet uitzetten, maar zal Nederland zelf verlaten.
Ze wil de eer aan zichzelf houden. Bovendien kan ze bij een uitzetting volgens haar gastvader moeilijker
terugkomen in Nederland. Als ze vrijwillig het land verlaat, maakt ze daar meer kans op.
Afgelopen vrijdag bepaalde de rechter dat minister Verdonk voor Integratie en Vreemdelingenzaken geen fouten
heeft gemaakt bij de uitzettingsprocedure. Taïda kan nog wel in beroep gaan tegen die beslissing, maar
mag de procedure niet in Nederland afwachten. Verdonk wil dat Taïda uiterlijk eind deze week het land
uit is. In de loop van vandaag heeft de 18-jarige Kosovaarse een gesprek met de Vreemdelingenpolitie over
haar vertrek.
Taïda was in beroep gegaan tegen het besluit van minister Verdonk om haar uit te zetten. Het meisje zit
in het laatste jaar van het vwo in Winterswijk en wil die opleiding graag in Nederland afmaken. Minister
Verdonk ging daar dus niet mee akkoord. De minister vindt dat het meisje oneigenlijk gebruik heeft gemaakt
van de Nederlandse asielprocedure.
Haar familie vertrok vorig jaar met een vertrekpremie van 7000 euro, maar Taïda kwam met een Frans
toeristenvisum weer terug in Nederland. Volgens Verdonk heeft de Kosovaarse fraude gepleegd.
Half januari werd ze uit de klas gehaald door de vreemdelingenpolitie. Die bracht haar vervolgens naar het
uitzetcentrum Zestienhoven bij Rotterdam. Daarop vroeg ze tot twee keer toe vergeefs een voorlopige
verblijfsvergunning aan bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). Zonder dat document kan ze geen
vwo-examen doen.
Taïda kreeg in haar strijd veel steun van medeleerlingen. Op 24 januari trokken zo'n 250 leerlingen naar
het Haagse Binnenhof om een petitie en handtekeningen aan te bieden aan de Tweede Kamer.
(Bron: NOS)